Weer terug in Sandakan blijkt Sabah wereldnieuws te zijn. Ook in Nederland (zie NOS en NU.nl). Wel voor maar één dag.
Aanleiding is het ingrijpen van het Maleisische leger. Met bombardementen. Ze waren die Sulu’s onderhand wel zat.

Het reisadvies voor Sabah zien we in een paar uur veranderen van ‘waakzaamheid betrachten’ naar ‘reizen naar bepaalde gebieden wordt sterk ontraden’. Het gaat om de driehoek Lahad Datu, Semporna en Tawau. Het gebied waar de afgelopen dagen strijd was.

We bellen een duikschool in Semporna en die zeggen gewoon open te zijn. De bussen rijden ook. Dus we gaan toch.

De bus is nagenoeg leeg. Onderweg zien we politie en leger (bij roadblocks, bunkers of achter van die zandzakken).

Semporna is uitgestorven; de helft van de bevolking is gevlucht, veel winkels zijn dicht en eettenten gaan heel vroeg dicht.

Op Mabul is weinig te merken van de Sulu’s. We zitten daar dan ook in een resort, vlak naast een dorp met locals in krakkemikkige hutten. Een behoorlijk contrast. In drie dagen doet Finbar negen fundives en ik leer en pruts voor een duikbewijs.

In de bus van Semporna naar Sepilok worden we na de (uiterst slechte) film getrakteerd op de Greatest Hits van Modern Talking. Prachtige clips. En die gaan ongeveer zo: na een keyboardriedeltje komt die met dat donkere haar in beeld. Hij is behoorlijk bruin, vermoedelijk een combinatie van zonnebank en heftige foundation. Hij staat en wandelt in een stemmig decor en kijkt zeer dramatisch met z’n oogpotloodogen in de camera als hij zingt. Bij de coupletten mag die blonde op de achtergrond figuren met z’n gitaar. Het refrein doen ze samen, die bruine uiterst serieus en die blonde staat erbij alsof hij verdwaald is en het een grap is. Die blonde gebruikt ook graag een vuist in het refrein, soms wel twee.

In Sepilok lopen we rond in het Rainforest Discovery Center en gaan toch maar weer Orang Urans kijken. Na semi-wilde en wilde nu de gerehabiliteerde. Die uit de dierentuin hadden we natuurlijk ook wel eens gezien.

Voor de liefhebbers: